Een bonsai water geven doe je van bovenaf, met een gieter met een fijne sproeikop, totdat het water uit de drainagegaten aan de onderkant van de pot loopt. Dat is het basisprincipe. Toch gaat het hier vaker mis dan bij welk ander onderdeel van bonsaiverzorging ook, want te weinig water is de meest voorkomende doodsoorzaak bij bonsai’s. Hoe vaak en hoeveel je geeft, hangt af van de soort, de pot, de grond en het seizoen.
Wanneer moet je een bonsai water geven?
Er is geen vaste regel zoals “elke dag gieten”. In plaats daarvan controleer je dagelijks de grond. Steek je vinger een centimeter of twee in de potgrond. Voelt de grond licht vochtig aan, dan is gieten nog niet nodig. Voelt de aarde droog aan, dan geef je water. Bij twijfel kun je ook de pot optillen: een lichte pot heeft doorgaans minder vocht in de grond dan een zware.
In de zomer, bij warm en zonnig weer, kan een bonsai soms meerdere keren per dag water nodig hebben. In de winter, zeker bij bonsai’s die koud staan of een rustperiode doormaken, is de waterbehoefte veel lager. Ga dus altijd uit van wat de plant aangeeft, niet van een vast schema.
De juiste manier van bonsai water geven
Gebruik altijd een gieter met een fijne sproeikop. Een grove straal water spoelt de potgrond weg en beschadigt de wortelopbouw. Met een fijne sproeikop verdeelt het water zich gelijkmatig over het oppervlak en trekt het rustig naar beneden door de grond.
Geef water totdat het duidelijk uit de drainagegaten aan de onderkant van de pot loopt. Dit bewijst dat de hele grondlaag doordrenkt is. Houd je alleen de bovenkant nat, dan blijven de dieperliggende wortels droog. Na het gieten laat je overtollig water goed weglopen. Laat de pot nooit langdurig in een schoteltje met stilstaand water staan, want wortels die continu in water staan, rotten snel.
Welk water gebruik je?
Regenwater is ideaal voor bonsai’s. Het is zacht, heeft een lage pH en bevat geen chloor of kalk. Leidingwater werkt in de meeste gevallen prima, maar bij langdurig gebruik in harde watergebieden kan er kalkophoping ontstaan in de grond. Dit is zichtbaar als een witte korst op het grondoppervlak. Je kunt leidingwater een nacht laten staan zodat chloor verdampt, al is dat verschil in de praktijk klein.
Gebruik geen koud water rechtstreeks uit de kraan als je bonsai in een warme ruimte staat. Het temperatuurverschil kan de wortels kort stressen. Kamertemperatuur water is beter.
Veelgemaakte fouten bij het water geven
- Te weinig water geven: de meest voorkomende fout. Bladeren die gaan hangen of uitdrogen zijn een signaal dat de plant te weinig vocht krijgt.
- Op een vaste planning gieten: maandag, woensdag, vrijdag klinkt handig, maar de werkelijke waterbehoefte wisselt te veel per dag en seizoen.
- Alleen de bovenkant natmaken: dit geeft een vals gevoel van zekerheid. De wortels dieper in de pot blijven dan droog.
- Te veel water geven: continu natte grond zorgt voor wortelrot. Zorg altijd voor goede drainage en laat de grond licht opdrogen tussen twee beurten door.
- Gieten met een grove straal: dit beschadigt grond en oppervlakkige wortels, en spoelt voedingsstoffen weg.
Binnenshuis versus buiten
Bonsai’s die buiten staan, drogen sneller uit dan bonsai’s binnenshuis, zeker bij wind en zon. Buiten kun je in de zomerhitte meerdere keren per dag moeten gieten. Bonsai’s binnenshuis staan vaak in een drogere omgeving door verwarming of airconditioning. Hier helpt het om ook de bladeren af en toe licht te besproeien, zodat de luchtvochtigheid rondom de plant iets toeneemt. Dit vervangt het eigenlijke gieten van de grond niet, maar ondersteunt het wel.
Controleer bij bonsai’s die buiten staan na een regenbui of de grond ook echt door en door nat is. Bij een dicht bladerdak van de boom kan regen soms nauwelijks de potgrond bereiken, waardoor de plant ondanks regen toch droog staat.
Goede watergift is een kwestie van dagelijks even kijken en voelen. Zodra je dat ritme in de vingers hebt, is het de makkelijkste gewoonte die je voor je bonsai kunt opbouwen.





